Naar inhoud

Terug

Een rijke kennis van zijn moedertaal is voor een kind fundamenteel voor zijn leerproces op school

Een rijke kennis van zijn moedertaal is voor een kind fundamenteel voor zijn leerproces op school. Een anderstalige leerling kan makkelijker goed Nederlands leren als hij een rijke kennis heeft van de taal die hij thuis spreekt, vindt Kathleen Helsen.

Een boeiend studiebezoek van de commissie Onderwijs van het Vlaams Parlement aan Zuid-Afrika biedt vanuit de confrontatie tussen de Zuid-Afrikaanse en de Vlaamse situatie interessante denkstof over thuistaal en onderwijstaal.

Een rijke kennis van zijn moedertaal is voor een kind fundamenteel voor zijn leerproces op school. Een anderstalige leerling kan makkelijker goed Nederlands leren als hij een rijke kennis heeft van de taal die hij thuis spreekt, vindt Kathleen Helsen.

Een boeiend studiebezoek van de commissie Onderwijs van het Vlaams Parlement aan Zuid-Afrika biedt vanuit de confrontatie tussen de Zuid-Afrikaanse en de Vlaamse situatie interessante denkstof over thuistaal en onderwijstaal.
De algemene taalsituatie in Zuid-Afrika en Vlaanderen is duidelijk anders. In Zuid-Afrika zijn er sinds 1994 elf officiële talen. Het Engels staat met 8 à 9% op de 6de plaats maar is wel steeds meer de lingua franca. Vlaanderen heeft één officiële taal, het Standaardnederlands. Daarnaast worden bij ons, zeker in een aantal steden, allerlei andere talen gesproken (als moedertaal/thuistaal) door uiteenlopende groepen mensen die hier soms recent, soms al enkele decennia geleden via migratie vanuit hun land van oorsprong beland zijn. Die talen zijn geen officiële talen zoals dat voor het Nederlands geldt.
De meeste Zuid-Afrikaanse kinderen krijgen ruwweg in de kleuterschool en in de eerste drie jaren van het lager onderwijs les in hun moedertaal. Nadien en ook in het secundair onderwijs wordt meestal een andere taal gebruikt, vooral Engels of Afrikaans. Het is belangrijk dat de basis voor de latere onderwijstaal al gelegd wordt in die eerste jaren van het basisonderwijs. In Vlaanderen is Standaardnederlands de enige onderwijstaal in heel het basis- en secundair onderwijs, de specifieke onderwijssituatie in de Vlaamse faciliteitengemeenten buiten beschouwing gelaten. Wel is er het experiment rond Onderwijs in Eigen Taal en Cultuur (OETC) en o.m. de recente initiatieven rond Turks in sommige Gentse scholen.
Kennis van de onderwijstaal kan niet onderschat worden. Je kan geen wiskunde leren zonder de onderwijstaal te begrijpen. Het verschil tussen groot, groter en grootst of tussen veel, meer en meest moet je talig goed kennen om er in de les wiskunde gepast mee aan de slag te gaan. Deze begrippen onder de knie krijgen, is essentieel om de lagere school aan te vatten. Het zijn begrippen die deel uitmaken van de taal die in het onderwijs gesproken wordt. En die onderwijstaal kan je veel makkelijker leren, als je al kan vertrekken van een rijk taalgebruik thuis. Dat hangt bijvoorbeeld mee af van de aanwezigheid van boeken, kranten, van voorlezen, van gesprekken enz. Een rijke thuistaal beheersen, is voor ieder kind van belang. Die taal vormt een goede vertrekbasis voor het leren van een vreemde taal.
Als zulks al mogelijk zou zijn, mogen we mensen van allochtone origine niet verplichten om thuis met de kinderen voornamelijk Nederlands te spreken als zij onze taal niet beheersen. De kinderen leren zo geen enkele taal goed. Het creëert ongetwijfeld taalachterstand met grotere kans op leerachterstand. OESO-cijfers tonen aan dat het prestatieverschil in bepaalde cognitieve vaardigheden tussen leerlingen die thuis Nederlands spreken en leerlingen die dat niet doen aanzienlijk is. Bovendien hoeft het spreken van meerdere talen op jonge leeftijd niet per se te leiden tot onderwijsachterstand tout court.
In een Vlaamse school moet de onderwijstaal in eerste instantie het Nederlands blijven, met natuurlijk de mogelijkheden voor vreemdetalenonderwijs. Maar voor allochtone leerlingen kan ook onderwijs in eigen taal en cultuur in een of andere variant een deel van de oplossing voor hun taalprobleem zijn: zij hebben vaak moeite met het Nederlands doordat ze moeite hebben met hun (vreemde) moedertaal. Met goede voorwaarden kan onderwijs in eigen taal en cultuur een duidelijke meerwaarde betekenen. Die piste moet verder onderzocht en ondersteund worden. Om zo te voorkomen dat bepaalde allochtone leerlingen ‘nultalig’ worden en om hen de kans te geven een rijke moedertaal te ontwikkelen. Dat zal hen helpen om goed Nederlands te leren en dus ook met succes Nederlandstalig onderwijs te volgen.
Dit veronderstelt een genuanceerde houding tegenover integratie. Integratie vraagt inspanningen van allochtonen, zeker. Maar óók respect voor de eigenheid van die andere culturen en talen. We moeten als Vlamingen écht open staan voor de wereld. We zien vandaag te veel angst en krampachtigheid.

Toegevoegd op 29 april 2009

Tags: Vlaams Parlement

Wie ik ben?

Ik ben Kathleen Helsen en woon samen met mijn man Danny en dochter Marie in Herselt. Ik ben schepen en volksvertegenwoordiger in het Vlaams Parlement. De thema's die me nauw aan het hart liggen, zijn onderwijs, werk en welzijn.

Meer over mij.

Schrijf in voor mijn nieuwsbrief

Bekijk hier alvast het archief.